Antwerpen, Kerken en Toerisme
Toerismepastoraal, Bisdom Antwerpen (TOPA vzw)

Op reis in eigen stad

Een BERGWANDELING in Antwerpen

BERGEN in de Antwerpse DISTRICTEN

EKEREN

Bilderdijkstraat (wijk Schoonbroek)

De Bilderdijkstraat hoort in feite niet echt meer thuis in het rijtje van de dijken, want het gaat om de Nederlandse letterkundige Willem Bilderdijk (Amsterdam 1756 – Haarlem 1831). Zijn naam is enkel te danken aan een geforceerd manoeuvre in 1937 om de vroegere ‘Dijkstraat’ uit schrik voor verwarring te vermijden met andere gelijknamige straten op Antwerps grondgebied.

Leugenberg

Dit toponiem duidt de verkeersweg aan, die van aan de Boerendijk te Ekeren eerst opklimt tot ter hoogte van de insgelijks Leugenberg geheten laaggelegen woonstraat, en dan weer afdaalt naar de Ekers-Hoevense grens. Van de woonstraat is de westzijde Antwerpen, de oostzijde Ekeren. Als veldweg loopt het tracé verder in de zuidelijke richting tot de achterzijde van de N-grens van de Tweekronenstraat.

Kattenberg

Waarschijnlijk afgeleid van ‘vee’. zie Bergwandeling Antwerpen: 2 Linkeroever, bij de bespreking van Antwerpen, gebouwd op zeven bergen.

POLDERDORPEN en HAVENGEBIED

BERENDRECHT

Hagelberg

Straat in de woonwijk Viswater (ca. 1969-1970) die genoemd werd naar de kapel van Onze-Lieve-Vrouw-van-de-Hagelberg, opgetrokken in 1732 als een bedevaartsoord.
De huidige Bosstraat heette in de 19de eeuw Kapellebaan. Toen hoorden drie verwante straatnamen bij elkaar want noordelijk gaf de huidige Kapelstraat uit op de Kapellebaan terwijl ten zuiden ervan lag het rustige Kapellevoetpad, dat ondertussen zijn oorspronkelijke vorm verloren heeft.

Kraaienberg

De naam van deze afgelegen straat, mag dan wel afgeleid zijn van een gevleugelde dierensoort, maar pure poëzie kan je de verklaring niet noemen, want het gekrijs van deze zwarte gevederden houdt verband met een terechtstellingsplaats, meer bepaald een galgenveld dat hier heeft gelegen. Misschien om het akelige sfeertje wat in te dammen, heette het weggedeelte tussen de Kraaienberg en de Oude Broekstraat in de volksmond Konijnendreef.

De Kruisberghoeve

de oorsprong van de naam ?

Zevenbergen

Dit was de 18de–eeuwse wegbenaming voor de huidige Bosstraat, die een weinig ten noorden van de wijk Viswater ligt, en die in de 19de eeuw Kapellebaan heette. De oorsprong van de naam ? Op de weg naar Zevenbergen (in Nederland) ?

LILLO

De Onafhankelijkheidstraat (i.v.m. 1830) heette in de 17de eeuw Nieuwe Kruisweg en in 1845 Hogeweg. (Lange) Hogeweg (zie Tolhuisstraat, Lillo)

OORDEREN

Hellingstraat, voorheen Hoogstraat

Om verwarring met straten in Antwerpen-centrum te vermijden, kregen enkele straten van de in 1929 geannexeerde Polderdorpen Oorderen en Wilmarsdonk een andere benaming, zelfs wanneer ze nauwelijks nog bestonden. Zo werd in 1937 de Hoogstraat in Oorderen de Hellingstraat.

WILMARSDONK

De dorpsnaam ‘donk’ wijst op een verhoog in moerassen.

Hogeweg verdween onder een dikke laag zand bij de opspuiting van het dorp anno 1966.

ZANDVLIET

Konterscherp

Het betreft een verbastering van het Franse ‘contr’ escarpe’, houdt verband met steile buitenhelling van de voormalige vestinggracht.

Hooge Maey

is de naam voor het afvalpark.

MERKSEM

Geen bergen hier. Enkel een Groendalstraat

BORGERHOUT

Kattenberg

In 1277 schenkt hertog Jan I van Brabant aan de Antwerpse Sint-Michielsabdij een groot deel van de heide van Borgerhout, gelegen nabij de ‘Cactelberg’. De hoeve van Kattenberg werd omsloten door de gemeenschapsgrond van het Klein Laar en de oude Eyendijk.

Begin 16de eeuw is het hof in privéhanden en wordt o.m. in 1529 het eigendom van Willem de Moelnere. De naam van zijn zoon Dierk is verbonden aan de monumentale schoorsteenmantel die nu prijkt in het cabinet van de burgemeester in het Antwerpse stadhuis. Deze is immers afkomstig van het prachtig herenhuis ‘De groote Zot’ dat Dierk in 1549 aan het Kipdorp (huidige Sint-Jacobsmarkt) had laten optrekken. Het is ook deze Dierk de Moelnere die in 1551 op Kattenberg een prachtig omwaterd ‘huysinge van playsantie’ laat optrekken. Bij de strijd om Antwerpen ontsnapt het kasteel echter niet aan het krijgsgewoel en valt in 1579 ten prooi aan de vlammen.

Wanneer het domein in 1649 nog maar net het eigendom is geworden van Francisca van Vlierden en haar echtgenoot Sebastiaan van Bemmel, wordt 2,5 weken later reeds een werkovereenkomst gesloten voor de heropbouw. ‘Cattenberch’ bevat o.m. een gaanderij en over de gracht komen 2 bruggen te liggen. Een bijhorend huis wordt de Kleine Kattenberg genoemd.

Na o.m. dienst te hebben gedaan als een pensionaat voor meisjes (voor 1826 – (na) 1842), als brouwerij en als fabriek, werd het in 1897 compleet in de as gelegd.

Twee jaar later worden de gronden verkocht aan een bouwmaatschappij die ze verkavelt voor een nieuwe wijk, waardoor alle sporen van dit eens zo riante ‘hof van plaisantie’ voorgoed verdwenen. Het leeft enkel voort in de straatnaam Kattenberg.

Bibliografie

STOCKMANS J.-B., Deurne en Borgerhout sedert de vroegste tijden tot heden, dl. III, anastatische herdruk, Antwerpen, 1975, p. 230-235

Van Montfortstraat

Vader Van Montfort was geneesheer en burgemeester van Deurne-Borgerhout. Zoon Van Montfort maakte deel uit van de gemeenteraad en van het armenbestuur van Borgerhout.

DEURNE

Boekenbergpark

De bergen in dit park zijn niet van natuurlijke oorsprong maar zijn pas einde 18de eeuw gevormd met de uitgegraven grond van de vijvers wanneer het park in Engelse landschapsstijl werd heraangelegd. Waar komt dan de naam vandaan? ‘Berg’ verwijst misschien naar ‘borg’ wat staat voor ‘burcht’ of ‘kasteel(tje)’, zoals in ‘Venneborg’ (Deurne). In het vroegmiddelnederlands wordt een beuk ‘bouc’ genoemd of ‘boecken’. Denk hierbij aan dat andere Antwerpse toponiem ‘Hoboken’, dat je moet lezen als ‘Hoge beuken’. Aan de oorsprong van de naam boekenberg ligt zeker geen ‘lezenswaardig materiaal’.

De geschiedenis van het hof Boekenberg, voor zover ons gekend, begint al dramatisch. Wanneer Maarten van Rossum en zijn Gelderse benden Antwerpen belagen wordt het toenmalige kasteel in 1542 in brand gestoken. (Vraag is of dit door deze plunderende troepen beurde dan wel door de Antwerpenaren bij wijze van voorzorgsmaatregel om te verhinderen dat deze er zich zouden schuilhouden?)

Een tiental jaren later, in 1555, is het hof terug in goede staat en wordt het bij de overdracht van Jeronimus Senior van den Manackere aan zijn zoon Jeronimus Junior omschreven als “eene speelhuyse van playsantie, hove, bogaerde, etc. groot 15 à 16 bunder op d’Exterlaer of Meneghemlaer”.

In 1595 lezen we voor het eerst de naam ‘het hof van Boeckendael’. Na verscheidene verkopen en huwelijken krimpt het landgoed geleidelijk aan in oppervlakte van 15 tot 5 bunder. In 1749 wordt Maria Theresia Knijff, weduwe Bosschaert, de eigenares. In 1751 nogmaals weduwe, concentreert zij zich op de bouw van het huidige sierlijke kasteel in rococostijl. De gevierde architect Jan Pieter II Baurscheit krijgt er in 1752 de opdracht toe. De tuinen worden, conform het neoclassicisme, in modieuze Frans-Hollandse stijl aangelegd. Een gedenksteen aan de voordeur brengt de naam van de initiatiefneemster in herinnering, maar de kasteelvrouwe heeft van al haar inspanningen niet al te lang kunnen genieten; in 1755 gaat zij heen.

In 1798, tijdens het Frans Revolutionair Bewind, koopt koopman en bankier Jan Willem Smets het ganse domein. Het domein wordt grotendeels herschapen in de modieuze Engelse landschapsstijl met toevoeging van romantische kunstmatige landschapselementen. Zo is er een heuse 400-m lange ‘bergketen’ en zijn er enkele speelse ‘folly’s’ zoals grotten (waar nu het Natuurhistorisch Museum is ondergebracht) en een rotsbrug die je niet in de Lage Landen verwacht. Een torenruïne (die als spaarbekken diende voor de fonteinen) hoorde voorheen ook niet thuis in een deftig geordend 18de–eeuws park.

Een heel apart uitheems element was de indrukwekkende Chinese pagode (1800/1802-1805) die toen uniek was in Europa. De beweegreden voor deze reusachtige Chinoiserie ligt in de zakenrelaties van Smets met China en Japan. 157 treden voerden de bezoeker over vijf galerijen tot net onder de 26m hoge top van waaruit men een panoramisch zicht had tot in Lier en Boom. Binnen was hij versierd met schilderingen van Willem Herreyns (1743-1827). Helaas, wegens bouwvalligheid werd deze uitzonderlijke constructie in 1956 afgebroken. De plek wordt nog enkel aangeduid door de gelijkvloerse verdieping, waarop men een omgekeerd schotelvormig dak heeft geplaatst. Voor een foto van de oorspronkelijke constructie neem je best een kijkje in het Natuurhistorisch Museum.

Over gans het domein werd je verrast door beeldengroepen, hetzij van vechtende beesten, een vredige kudde schapen met herder of, diep in de grotten, van een mediterende kluizenaar in een cel.

De traditie wil dat Napoleon ook hier in het kasteel zou overnacht hebben, maar – zoals zo vaak – méér legende (zeg ook maar ‘folly’) dan historisch bewijs (geen enkel).

Het wapenschild van Catharina della Faille verraadt dat de gietijzeren brug werd opgetrokken, eens zij in 1838 de nieuwe eigenaar was geworden.

In 1880 erft haar kleinzoon, Paul Cogels, het domein, toen 30 ha groot. In Antwerpen is de naam Cogels bekend van de Cogels-Osylei. Na diens dood wordt het verkocht aan een immobiliënmaatschappij die het wilt verkavelen in bouwgronden.

De gemeente Deurne koopt in 1913 het middelste perceel, 10 ha groot. In 1926 wordt het park voorgoed opengesteld voor het publiek.

Sinds 1917 kreeg het kasteel verscheidene functies, waarvan het merendeel sociale. Momenteel verleent het onderdak aan een opvanghuis voor jongeren.

Het Boekenbergpark geniet bekendheid voor het Natuurhistorisch Museum maar evenzeer voor zijn natuurbeleving en recreatiemogelijkheden. In het museum kan je o.m. je laten meeslepen door de bekroonde natuurdocumentaire van Roald Roos. Een uitschieter in de sportaccommodatie is de ecologische zwemvijver (2007), de grootste van het land, die het openluchtzwembad van 1935 vervangt. Hier voelen de Deurnese IJsberen zich als een vis in het water. Verder beschikt het park over een mooie speeltuin met een klimparcours (een speelse berg-ervaring). En jawel, een gezellig terras ontbreekt zeker niet. Redenen te over om hier een dagje te flaneren tussen berg en dal.

Beide foto’s © Natuurhistorisch Museum Boekenberg vzw

Bibliografie

Muggenberghof

De naam ‘Muggenberg’ wordt in Deurne reeds voor het eerst vermeld in 1280. De verkoop van enkele percelen wordt bevestigd door schepenen van Deurne, met als voornaamste ‘Henricus de Muggenberghe’, lokaal belangenverdediger of advocaat van de hertog van Brabant. Maar hiermee hebben we nog geen verklaring voor de naam. Zowel de oorsprong van de familienaam als die van genoemd hof verdienen verder onderzoek.

Van wat eens een uitgestrekt landgoed was rondom een lusthof, resteert nu een onopvallend kasteeltje, verscholen in het huizenblok Herrystraat (noorden), Van Steenlandstraat (oosten), Van Hovestraat (zuiden) en de Te Boelaerlei.

De oudste vermelding van de hofstede ‘Muggenberg’ dateert van ca. 1430 met als eigenares Maria Jacobsdochter van Steenland, die het goed verkregen had van een zekere Jan van den Laere.

In 1558 komt het goed gelegen op het ‘Muggenbergveld’, tegenover de Stenenbrug, door verkoop in de handen van de Antwerpse koopman Willem Basseliers. De nieuwe eigenaar laat ‘Muggenberghof’ omvormen tot een omwald lusthof. De walgracht werd gevoed door de Boelaerbeek en ter hoogte van de Stenenbrug (huidige Herentalsebaan) uitmondde in de Herentalsevaart. Door huwelijk (in 1616) komt het domein Muggenberg met een oppervlakte van bijna 35 ha later in het bezit van de familie Lunden.

De drie kinderen uit het huwelijk van Helena Constantia Lunden met Pieter Jozef Herry, allen geestelijken, verkopen zij in 1836 het hof met de resterende klein 2,37 hectare grond. Het hof, in het begin van de 19de eeuw tot ruïne vervallen, werd in opdracht van baron Antoine de Browne de Tiège (+ 1903) in 1842-‘43 vervangen door een nieuw landhuis opgetrokken in sober neoclassicisme. De architect is de minder gekende Jacques Van Cuyck (1798-1846), die vooral in die stijl werkt.

In 1922 koopt aannemer Lodewijk Rymen–Van der Heyden uit Borgerhout het domein, amper nog één hectare groot. Ook hij verkavelt wat nog kan zonder aan het kasteeltje te raken waardoor de randen van de resterende tuin door nieuwe woningen worden ingenomen. Hij laat ook de kasteelvijver dempen. In 1944 verkoopt hij het kasteeltje en de overblijvende parktuin aan de Zusters van de Christelijke Scholen van Vorselaar, die er in 1957 een school oprichten. Sinds 1989 is in het gebouw een jeugdbeweging gevestigd.

Bibliografie

  • STOCKMANS J.-B. 1975, Deurne en Borgerhout sedert de vroegste tijden tot heden, dl. III, anastatische herdruk, Antwerpen, p. 189-190, 246.
  • PEETERS E., Blazoenen op het Hof Muggenberg te Deurne, Heemkundig Handboekje voor de Antwerpse regio, XXXIX, nummer 1, maart 1991, 18-26.
  • https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/11277 , Tim Bisschops, 2018

BERCHEM

Berchem, lees: berg-heem

De naam van de voormalige gemeente en het huidige district van de stad Antwerpen is ontleend aan een berg-toponiem; maar niet zo origineel in de Nederlanden. De meeste Frankische dorpen hadden zich nedergezet op een heuvel en daarom noemen ook meerdere gemeenten ‘Berchem’, een samentrekking van ‘Berg-heem’. ‘Heem’ (in het Duits ‘Heim’) betekent woonplaats.
De berg in kwestie droeg –jawel – de naam ‘Stuivenberg’. Op een kilometer oostwaarts van de kerk lag het oude kasteel van Berchem op 9 m hoogte boven de zeespiegel, nog wat verder het Posthof op 8 m, terwijl de Leemstraat een meter lager ligt op 7 m. Wie van oost naar west ging, merkte de hoogte op, die zich aftekende van aan de Driekoningenstraat tot bij de Fierkensdijk.
De oude dorpskern heeft zich geschaard rond de Sint-Willibrorduskerk, die op een verhevenheid staat van 12 m. De ‘berg reikte verder tot aan de Frederik de Merodestraat, met 10 m aan de rand van de Boomgaardstraat.
De laatste littekens van de oorspronkelijke dorpsaanleg van Berchem verdwenen op het einde van de 15de eeuw, wanneer de Mechelse baan dwars doorheen het stille dorpscentrum werd gelegd en er een ‘straat’ van maakte”, aldus Floris Prims (Geschiedenis van Berchem, 1949).

Galgenberg

Op het einde van de huidige Generaal Lemanstraat, ter hoogte van de huidige Singel was er een Galgenberg. Een executieplaats wil ook misdadigers in spe afschrikken en dus etaleer je de terechtgestelden bij wijze van pedagogische afschrikking best op een platform, in dit geval een natuurlijke heuvel.

Wolvenberg

Haast onopvallend ingeklemd tussen de drukke verkeersaders van Ring en Singel ligt ter hoogte van het station van Berchem, het enige, kleine natuurgebied Wolvenberg (ca. 11 ha). Het is een restant van de 19de–eeuwse Brialmontvestingen dat na de aanleg van de binnenring of Singel in 1963 door de natuur heroverd werd. Het domein met hoogteverschillen, waterplassen en graslanden en verwilderde begroeiing vormt een dankbaar toevluchtsoord voor allerlei vogels. Het natuurgebied wordt beheerd door Vzw Natuurpunt terwijl de werkgroep ‘Wolvenberg Natuurlijk’ instaat voor het onderhoud. U kan er een bewegwijzerde wandeling doen.

Wie belust is op vervaarlijke verhalen over weerwolven komt hier bedrogen uit. De avonturen die met de naam ‘Wolvenberg’ te maken hebben zijn veel speelser en zachtaardiger. De leden van de 47ste scoutsgroep ‘Artevelde’ hadden hun lokaal in huis Posthof, dat eveneens moest wijken voor de Ring rond Antwerpen en waarvan de herinnering enkel nog verder leeft in de ‘Posthoflei’. De jongste groep van de Wolfjes (wat overeenkomt met de ‘Welpen’ van nu) gingen wat graag spelen aan de vesten van de Brialmontomwalling. Maar vermits koene jongens liever niet met een verkleinwoord aangesproken… werd het een manhaftige berg.

Troyentenhoflaan: de Duivelsberg

De straatnaam moet je lezen als: ‘Rooi einde’. Deze weg doorheen de oudste bossen van Berchem liep uit op de Duivelsberg op het Pulhof (ter hoogte ongeveer van het huidige Middelheimziekenhuis).

WILRIJK

Het boek Toponymie van Wilrijk (1967) geeft ‘(Grote en Kleine) Bergakker’ thans langs weerzijden van Jules Moretuslei tussen Sint-Sebastiaan- Kerkhofstraat., ‘Bergstraat’ thans Sint-Bavostraat verwijzend naar ‘Berg’, de verhevenheid waarop de parochiekerk staat (denivellatie 4 à 5 m). ‘Hoge Aardstraat’ (1954; wijk Oosterveld/Els, 1 m hoger dan de Struisbeek) en nog enkele straten/percelen met Hoog-. Het laagste deel van Wilrijk is ‘Hoogte’ (= Kruishofstraat, grens met en – volgens de auteur – gezien vanuit Antwerpen!

HOBOKEN

Lage Hobokenseweg/Hoge Hobokenseweg

Sint-Bernardsesteenweg (voorheen Hogeweg van Hoboken):

Vermoedelijk in de 17de eeuw ontstaan van ter hoogte van de huidige Jan van Gentstraat. Op een plattegrond van 1678 van Verbiest staat een weg afgebeeld die vanaf het ZW-gedeelte van het Zuidkasteel zuidwaarts loopt, maar zich weldra in 2 splitst. De beide wegen die verder zuidwaarts het Hoog-Kiel en het Laag-Kiel doorkruisen, heten er resp. Hogeweg en Lageweg. Het meest noordelijk gedeelte verdween toen de Fransen hier hun scheepstimmerwerven bouwden.

Park Sorgvliet

met berg: waarboven templetje